Roel Urbach

“En dan die Indonesische Vrijheidsstrijd. Dat is een heel heftig gedoe geweest hoor. Dat heeft me ook gevormd. Ik heb heel wat dingen meegemaakt. Maar daar wil ik het nou even niet over hebben. Te heftig.”

Roel Urbach Fotografie: Ellen Korff
Roel Urbach, Fotografie: Ellen Kolff

Roel Urbach werd geboren in Tjimahi op Java. Zijn vader diende bij het KNIL, bij de genie, en was vaak van huis vanwege verplaatsingen en opdrachten. Daardoor groeide Roel voornamelijk op bij zijn moeder en zijn oma.

Tijdens de Japanse bezetting en de daaropvolgende Indonesische vrijheidsstrijd maakte hij als kind ingrijpende gebeurtenissen mee. Het gezin verbleef in verschillende kampementen en Roel ontwikkelde al vroeg een scherp bewustzijn van onveiligheid, verlies en verandering. Op tienjarige leeftijd vertrok hij naar Nederland. Zijn jeugd herinnert hij zich zowel door de moeilijke ervaringen heen als door de liefde en zorg die hij ontving.

In zijn latere leven schreef hij veel over die periode: de angst, de onduidelijkheid, maar ook de koestering van kleine herinneringen. Zijn verhaal laat zien hoe oorlogservaringen een leven lang kunnen doorwerken, en hoe het delen van geschiedenis ruimte kan openen voor veerkracht, begrip en verbondenheid.

Soms is het ook goed om dingen te vergeten. Toch? De slechte dingen zou ik graag willen vergeten. De leuke dingen moet je proberen terug te halen. En dan denk ik, oh wat leuk was het toen en daar ga ik nu nog van genieten.

Omdat zijn vader vaak weg moest voor militaire dienst, groeide Roel vooral op bij zijn moeder en zijn oma. Later gingen zij weer apart wonen, maar de band tussen hen bleef sterk. Hij herinnert zich het stenen huis waarin zij woonden nog goed. Op een dag was daar ineens een jongen. Hij kan zich niet herinneren wanneer die precies kwam of waar hij vandaan kwam; hij was er gewoon. Zijn naam was Suwip. Hij werd als een broer opgenomen in het gezin. Ze waren ongeveer van dezelfde leeftijd, al was Suwip iets ouder en durfde hij meer. Hij ving kalongs, grote vliegende honden, zonder aarzeling. Roel keek toe en bewonderde hem.

Hij ging naar een school waar het Nederlandse onderwijs centraal stond. De lessen gingen over Europese geschiedenis, Nederlandse topografie en rijtjes die uit het hoofd geleerd moesten worden. Over Indonesië werd nauwelijks gesproken. Pas veel later, toen hij als volwassene terugkeerde naar Indonesië, merkte hij hoe weinig hij wist over de plek waar hij vandaan kwam.

Over de Japanners in zijn vroege herinneringen zegt hij dat zij voor kinderen vriendelijk waren. Hij herinnert zich spelen, vrij bewegen, rondlopen zonder directe angst. Toch waren er ook momenten die zich blijvend in zijn geheugen vastzetten. Zoals de dag dat een motorrijder van de Britse Indiërs, met een tulband en uniform, crashte tegen een muur en in een brandend wrak terechtkwam. Roel was nog een kleuter. Het beeld liet diepe indruk achter.

De Indonesische vrijheidsstrijd noemt hij “heftig” en “vormend”. Het is een periode waar hij moeilijk over spreekt. Sommige herinneringen blijven beter onaangeroerd. Hij zegt: Soms is het goed om dingen te vergeten. De slechte dingen zou ik graag willen vergeten. De leuke dingen probeer ik terug te halen. Daar kan ik nog steeds van genieten.

“De liefde die ik heb mogen ontvangen, in deze tachtig jaar, heeft mij gemaakt tot wie ik ben. Maar de eerste jaren zal ik nooit vergeten. De jaren waar mijn ouders in de oorlog, in een periode van steeds moeten vluchten, echte liefde aan ons gaven. Twee lieve mensen die mij en mijn twee zussen hebben behoed, voor alle ellende en zorgen en de vele onzekerheden.”

Roel Urbach, Fotografie: Ellen Kolff
Roel Urbach, Fotografie: Ellen Kolff